Van onze advocaat aandeelhouder. De Rechtbank Noord-Holland heeft op 15 augustus 2018 uitspraak gedaan over een vordering tot vernietiging van besluiten van algemene vergaderingen van aandeelhouders (AVA) in verband met het wijzigen van de statuten van de onderneming.

L Beheer vordert een groot aantal besluiten van de algemene vergadering van aandeelhouders en een besluit van de vergadering van houders van prioriteitsaandelen nietig te verklaren dan wel te vernietigen.

L Beheer betoogt dat bij al deze besluiten een of meer statutaire bepalingen niet zijn nageleefd en bovendien sprake is van strijd met de redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 2:8 BW.

K betwist de stellingen van L Beheer.

De algemene vergadering van aandeelhouders heeft op 13 april 2012 besloten de statuten te wijzigen en de prioriteitsaandelen af te schaffen.

L Beheer betoogt dat dit besluit tot stand is gekomen in strijd met de statutaire bepalingen, omdat hij niet tijdig voor de vergadering is opgeroepen en er geen geldig voorstel van de vergadering van houders van prioriteitsaandelen is gedaan als bedoeld in artikel 23 lid 1 van de statuten.

De rechtbank zal hieronder eerst beoordelen of de verschillende besluiten formeel op de juiste wijze tot stand zijn gekomen.

Daarna zal zij ingaan op de vraag of een of meer besluiten zijn genomen in strijd met artikel 2:8 BW.

Wijziging van de statuten van een onderneming. Vernietiging van besluiten van de algemene vergaderingen van aandeelhouders?

De rechter oordeelt als volgt.

Voorstel tot wijziging van de statuten

De vergadering van houders van prioriteitsaandelen heeft op 30 december 2011 het besluit genomen om aan de algemene vergadering van aandeelhouders het voorstel te doen de statuten van K te wijzigen in die zin dat de prioriteitsaandelen komen te vervallen.

Volgens L Beheer is dit besluit tot stand gekomen in strijd met de statutaire bepalingen, omdat hij niet tijdig voor de vergadering van 30 december 2011 is opgeroepen, het voorstel tot statutenwijziging niet in de oproepingsbrief voor de vergadering is vermeld en het besluit niet is genomen met de in artikel 23 van de statuten vereiste twee/derde meerderheid van de uitgebrachte stemmen die meer dan de helft van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen.

K stelt dat het besluit wel rechtsgeldig tot stand is gekomen.

De rechtbank overweegt hierover het volgende.

Artikel 15 lid 4 van de statuten vereist dat de oproepingsbrief de te behandelen onderwerpen vermeldt.

De achterliggende gedachte van deze statutaire bepaling en van het gelijkluidende artikel 2:224 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is dat de opgeroepene voorafgaand aan de vergadering moet kunnen beoordelen of onderwerpen aan de orde komen waardoor zijn belangen worden geraakt en dat hij zich daarop kan voorbereiden.

Dat geldt te meer voor een ingrijpend besluit als een statutenwijziging.

De wijze waarop het besluit over de statutenwijziging in de oproepingsbrief van 22 december 2011 is geagendeerd voldoet hier niet aan.

In die brief staat onder punt 3 van de agenda niet dat zal worden beslist over een voorstel tot statutenwijziging, maar slechts “Besluit tot uitvoering van ‘KyotoCooling Ondernemingsplan 2012’ (zie bijlage). Het ondernemingsplan dat kennelijk als bijlage bij de oproepingsbrief is meegezonden vermeldt op de laatste pagina “Te nemen Besluit: – het aantrekken van een geschikte bestuurder en het reorganiseren van het huidige bestuur en organisatie zoals omschreven in bijlage 1.” Bijlage 1 bestaat uit een pagina met een opsomming van de nieuwe verantwoordelijkheden, bevoegdheden en functies binnen de onderneming.

Verder wordt opgemerkt dat als onderdeel van de bestuurlijke wijziging de statuten van K worden aangepast in die zin dat de prioriteitsaandelen komen te vervallen.

Noch uit de agenda zelf noch uit het ondernemingsplan waarin de agenda verwijst valt dus op te maken dat in de vergadering een besluit zal worden genomen over een statutenwijziging waarbij de prioriteitsaandelen worden afgeschaft.

Alleen uit twee zinnen in de bijlage bij het meerdere pagina’s tellende ondernemingsplan kan worden opgemaakt dat het uitvoeren van het ondernemingsplan mede een statutenwijziging omvat.

Het achterhalen van het te behandelen onderwerp is daarmee teveel een zoekplaatje en het voor de prioriteitsaandeelhouders ingrijpende voorstel tot statutenwijziging staat dan ook niet voldoende duidelijk in de agenda vermeld.

Dit gebrek in de oproeping maakt het besluit niet nietig, want het besluit is inhoudelijk niet strijdig met de wet of de statuten als bedoeld in artikel 2:14 BW.

De primaire vordering zal daarom ten aanzien van dit besluit worden afgewezen.

Het besluit is wel vernietigbaar, omdat sprake is van strijd met een statutaire bepaling die het tot stand komen van een besluit regelt in de zin van artikel 2:15 BW.

De overige door L Beheer aangevoerde gebreken kunnen verder onbesproken blijven.

Besluit tot wijziging van de statuten

Ingevolge artikel 23 van de statuten kan een besluit tot wijziging van de statuten slechts worden genomen op voorstel van de vergadering van houders van prioriteitsaandelen.

Verder moet een voorstel tot wijziging van statuten bij de oproeping voor de algemene vergadering van aandeelhouders worden vermeld.

Tegelijkertijd moet een afschrift van het voorstel waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen op kantoor ter inzage worden gelegd.

De rechtbank overweegt dat aan de laatste twee vereisten is voldaan.

Het besluit tot wijziging van de statuten staat duidelijk als agendapunt in de oproepingsbrief van 29 maart 2012 met daarbij de vermelding dat de tekst van de nieuwe statuten op kantoor ter inzage ligt.

L Beheer heeft niet betwist dat de voorgestelde wijziging daadwerkelijk ter inzage heeft gelegen.

De oproepingsbrief dateert van 29 mei 2012 en daarmee is voldaan aan de in artikel 15 lid 4 van de statuten genoemde termijn van 14 dagen.

De stelling van L Beheer dat zij de oproepingsbrief niet tijdig heeft ontvangen is onvoldoende concreet en wordt daarom gepasseerd.

L Beheer heeft niet aangeven op welk moment zij de oproepingsbrief dan wel heeft ontvangen.

Bovendien was L Beheer op de algemene vergadering van aandeelhouders aanwezig en heeft zij niet gesteld dat zij desondanks een redelijk belang heeft bij naleving van de verplichting tot tijdige oproeping (artikel 2:15 lid 3 onder a BW).

De oproeping voor de algemene vergadering is dan ook volgens de wet en statutaire bepalingen geschied.

Uit de overgelegde notulen en de schriftelijke vastlegging van het besluit blijkt verder dat het besluit is genomen met de in artikel 23 lid 1 van de statuten vereiste meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen die meer dan de helft van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen.

Aan het andere in dat lid genoemde vereiste dat er een voorstel tot statutenwijziging van de vergadering van houders van prioriteitsaandelen moet zijn is echter niet voldaan.

De rechtbank heeft hiervoor immers overwogen dat het besluit van 30 december 2011 vernietigd zal worden.

In beginsel is het besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders tot wijziging van de statuten daarmee nietig.

Artikel 2:14 lid 2 BW biedt echter de mogelijkheid om een besluit dat is genomen ondanks het ontbreken van een door de statuten voorgeschreven voorafgaande handeling van een ander orgaan te bekrachtigen.

Die bekrachtiging moet worden gedaan door het andere orgaan.

In dit geval dus de vergadering van houders van prioriteitsaandelen.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft die bekrachtiging tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders van 13 april 2012 plaatsgevonden.

Daarvoor is het volgende redengevend.

Uit de notulen en het schriftelijke besluit blijkt dat alle aandeelhouders – dus ook de prioriteitsaandeelhouders L Beheer en M – bij de vergadering van 13 april 2012 aanwezig waren en unaniem hebben gestemd vóór het wijzigen van de statuten inhoudende afschaffing van de prioriteitsaandelen.

L Beheer betwist dat zij heeft voor gestemd en voert aan dat de notulen en het schriftelijke besluit in strijd met de waarheid zijn opgemaakt.

De rechtbank overweegt hierover het volgende.

Zoals voorgeschreven in artikel 17 lid 3 van de statuten zijn de notulen tijdens de eerstvolgende (rechtsgeldig bijeengeroepen) algemene vergadering van aandeelhouders op 18 oktober 2012 vastgesteld en door de voorzitter en de notulist van die vergadering ondertekend.

In beginsel moet dan ook van de juistheid van die notulen worden uitgegaan, tenzij er duidelijke aanwijzingen voor het tegendeel zijn.

Volgens L Beheer blijkt uit handgeschreven notulen van de vergadering dat de wijziging van de statuten tijdens de vergadering helemaal niet aan de orde is gekomen. Die handgeschreven notulen zijn echter niet overgelegd. Eerst tijdens het pleidooi heeft L Beheer een bewijsaanbod gedaan dat alsnog te doen, maar dat is te laat. Van een partij die zich beroept op schriftelijke stukken waarover zij beschikt, mag verlangd worden dat zij die stukken uit zichzelf (tijdig) in het geding brengt. De rechter behoeft partijen daartoe niet in de gelegenheid te stellen (HR 9 maart 2012, HR:2012:BU9204, NJ 2012/174).

L Beheer heeft in de zaak ruim voldoende gelegenheid gehad stukken ter onderbouwing van haar stellingen in het geding te brengen.

Nu zij dat niet heeft gedaan, heeft zij haar stelling dat de notulen en het schriftelijke besluit van de vergadering in strijd met de waarheid zijn opgemaakt onvoldoende onderbouwd.

De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat de notulen en het schriftelijke besluit de uitslag van de stemming over de statutenwijziging juist weergeven en dat L Beheer tijdens de vergadering inderdaad vóór wijziging van de statuten heeft gestemd. De instemming van L Beheer en M met het wijzigen van de statuten moet naar het oordeel van de rechtbank worden opgevat als bekrachtiging door de houders van de prioriteitsaandelen van het nietige besluit als bedoeld in artikel 2:14 lid 2 BW.

Ingevolge artikel 15 lid 5 van de statuten, dat op grond van artikel 20 lid 5 eveneens van toepassing is op de vergadering van de prioriteitsaandeelhouders, kunnen, mits met algemene stemmen, door de algemene vergadering van aandeelhouders rechtsgeldige besluiten worden genomen over alle aan de orde gestelde onderwerpen, ook al werd gehandeld in strijd met door de wet of statuten gegeven voorschriften over de oproeping van de algemene vergadering van aandeelhouders.

Dit artikel dekt naar het oordeel van de rechtbank ook het mogelijke euvel dat niet duidelijk was of de oproeping alleen de algemene vergadering van aandeelhouders betrof, of zowel de algemene vergadering van aandeelhouders als ook de vergadering van houders van prioriteitsaandelen. Het nietige besluit tot wijziging van de statuten is daarmee alsnog geldig.

Tot slot betoogt L Beheer dat geen melding is gedaan van de executie van de statutenwijziging.

De rechtbank overweegt hierover het volgende.

Op straffe van nietigheid moet van de wijziging van de statuten een notariële akte opgemaakt worden (artikel 2:234 BW).

Hieraan is voldaan.

Bij notariële akte van 26 april 2012 zijn de statuten van K gewijzigd. De stelling van L Beheer dat de algemene vergadering van aandeelhouders de andere bestuurders niet had mogen machtigen om de statutenwijziging bij de notaris te regelen vindt voorts geen steun in de wet of in de statuten.

In artikel 2:234 lid 2 BW staat immers dat het bestuur bevoegd is de akte van de wijziging van de statuten te doen verlijden en ook in artikel 23 lid 3 van de statuten staat dat iedere bestuurder bevoegd is de statutenwijziging bij notariële akte te laten vastleggen. De machtiging waartoe tijdens de vergadering besloten is, is daar niet voor nodig.

De conclusie van hetgeen hiervoor is overwogen is dat er geen formele grond is om het besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders van 13 april 2012 tot wijziging van de statuten inhoudende de afschaffing van de prioriteitsaandelen nietig te verklaren of te vernietigen.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over het ondernemingsrecht, over de wijziging van de statuten, over de aandeelhouders of de AvA of over de nietigheid of vernietigbaarheid van besluiten van de AvA, belt u dan gerust onze advocaat aandeelhouder op 020-3980150.