Van onze advocaat contractenrecht. Op 8 februari 2017 heeft de Rechtbank Overijssel uitspraak gedaan over de uitleg van een notariële akte.

Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad komt het bij de uitleg van een notariële akte waarbij bijvoorbeeld een zakelijk recht is gevestigd, aan op de partijbedoeling voor zover die in de notariële akte tot uitdrukking is gebracht, en dat deze bedoeling moet worden afgeleid uit de in de akte gebezigde bewoordingen, uit te leggen naar objectieve maatstaven in het licht van de gehele inhoud van de akte (HR 19 april 2013, HR:2013:BZ2904). De ratio van deze objectieve uitlegmaatstaf is gelegen in het voor registergoederen geldende stelsel van publiciteit. Derden moeten kunnen afgaan op hetgeen in een  in de openbare registers ingeschreven akte is vermeld ter zake van de overdracht van een registergoed of van de vestiging van een beperkt recht op een registergoed.

De Hoge Raad over de Haviltexnorm

In het Haviltex-arrest (HR 13 maart 1981, NJ 1981, 635) heeft de Hoge Raad overwogen dat de vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding tussen partijen is geregeld, niet kan worden beantwoord op grond van alleen maar een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van het contract. Voor de beantwoording van die vraag komt het aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Bij deze uitleg dient de rechter rekening te houden met alle bijzondere omstandigheden van het gegeven geval.

De Hoge Raad over de CAO-norm

In latere arresten heeft de Hoge Raad ten aanzien van de uitleg van bepalingen van een CAO (een regeling die naar haar aard bestemd is de rechtspositie van derden te beïnvloeden, zonder dat die derden invloed hebben op de inhoud of de formulering van die overeenkomst of regeling, terwijl de onderliggende partijbedoeling voor die derden niet kenbaar is)  een anders geformuleerde norm aanvaard: daarvoor geldt een uitleg naar objectieve maatstaven, waarbij in beginsel de bewoordingen van die bepaling, gelezen in het licht van de gehele tekst van de CAO, van doorslaggevende betekenis zijn. Daardoor komt het niet aan op de bedoelingen van de partijen die de overeenkomst tot stand hebben gebracht, voor zover deze niet uit de daarin opgenomen bepalingen kenbaar zijn, maar op de betekenis die naar objectieve maatstaven volgt uit de bewoordingen waarin de overeenkomst is gesteld. Bij deze uitleg kan onder meer acht worden geslagen op de elders in de overeenkomst gebruikte formuleringen en op de aannemelijkheid van de rechtsgevolgen waartoe de onderscheiden, op zichzelf mogelijke tekstinterpretaties zouden leiden (HR 20 februari 2004, HR:2004:AO1427, HR, 24 februari 2012, HR:2012:BU9889 en 25 november 2016, HR:2016:2687).

In principe geldt dus een uitleg naar de letter van de notariële akte. Dit is evenwel anders indien er belangen van derden bij de uitleg van de akte gemoeid zijn. Tussen de Haviltexnorm en de CAO-norm bestaat geen tegenstelling, maar een vloeiende overgang.

Heeft u vragen over de uitleg van contracten, notariële akten of testamenten, belt u dan gerust onze advocaat contractenrecht op 020-3980150.