Van onze advocaat contractenrecht. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 27 juni 2017 uitspraak gedaan over het toepasselijk recht bij algemene voorwaarden behorende bij een overeenkomst gesloten binnen de EU.

De advocaat van appellante heeft in eerste aanleg kort samengevat in het incident gevorderd dat de rechtbank zich primair onbevoegd verklaart om kennis te nemen van de vorderingen zoals weergegeven in de dagvaarding van S.

De advocaat van appellante heeft aan haar vordering ten grondslag gelegd dat Nederlands recht van toepassing is en dat daaruit volgt dat de FENEX-voorwaarden op de overeenkomst tussen partijen van toepassing zijn waarin een arbitraal beding is opgenomen.

De advocaat van S heeft verweer gevoerd in het incident. Daarbij heeft S aangevoerd dat de algemene voorwaarden bij het tot stand komen van de overeenkomst niet van toepassing zijn verklaard en ook nadien geen deel zijn gaan uitmaken van de overeenkomst tussen partijen door de standaardverwijzing onderaan de facturen, waaruit bovendien ook niet kan worden opgemaakt welke algemene voorwaarden dan van toepassing zijn. Daarbij zijn de algemene voorwaarden niet ter hand gesteld zodat de algemene voorwaarden vernietigbaar zijn. Afdeling 6.5.3 BW is in de gegeven situatie wel van toepassing, aldus de advocaat van S.

De rechtbank heeft bij vonnis van 28 januari 2015 geoordeeld dat de algemene voorwaarden noch bij het tot stand komen van de overeenkomst noch door de verwijzing op de facturen onderdeel zijn gaan uitmaken van de overeenkomst tussen partijen en heeft de incidentele vordering van appellante afgewezen. De rechtbank heeft tussentijds hoger beroep opengesteld tegen het vonnis van 28 januari 2015.

 De internationale bevoegdheid en het toepasselijk recht

S is een in Zwitserland gevestigde onderneming zodat het geschil een internationaal karakter heeft. Eerst zal derhalve ambtshalve onderzocht moeten worden of en op welke grond de Nederlandse rechter bevoegd is kennis te nemen van de vordering, dus ongeacht of tegen die vaststelling van de rechtbank is gegriefd (Hoge Raad, 4 februari 2000, HR:2000:AG7697 en Hoge Raad, 18 februari 2011, HR:2011: BO7116).

Het geschil betreft een burgerlijke en handelszaak en valt daarom onder het toepassingsbereik van Verordening (EG) nr. 44/2001 van de Raad van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (“EEX-Vo”). Hoewel Zwitserland geen lidstaat van de EU is, bepaalt het wél voor Zwitserland geldende EVEX-II in artikel 64 lid 1 dat de EEX-Vo toch van toepassing is.

De hoofdregel van artikel 4 EEX-Vo luidt dat wie woonplaats heeft op het grondgebied van een lidstaat wordt opgeroepen voor de gerechten van die lidstaat, zodat de Nederlandse rechter rechtsmacht toekomt.

Nu de overeenkomst in 2007 tot stand is gekomen, is Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (“Rome I”) niet van toepassing (artikel 28 Rome I). Deze regeling is slechts van toepassing op overeenkomsten gesloten na 17 december 2009. Het Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst, 19 juni 1980 (80/934/EEG), Trb. 1980/156 (“EVO”), is hier van toepassing. De zaak valt onder het toepassingsgebied van dit Verdrag en door partijen is geen rechtskeuze gemaakt.

Op grond van artikel 4 lid 1 EVO wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waarmee zij het nauwst is verbonden. Ingevolge artikel 4 lid 2 EVO wordt de overeenkomst vermoed het nauwst verbonden te zijn met het land waar de partij die de kenmerkende prestatie moet verrichten op het tijdstip van het sluiten van de overeenkomst haar gewone verblijfplaats heeft.

Aan de vordering van S ligt een overeenkomst ten grondslag. De kenmerkende prestatie is het mengen en verpakken van melkpoeder door appellante. Nu appellante de kenmerkende prestatie verricht wordt de overeenkomst beheerst door Nederlands recht.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u vragen over het internationale recht, over rechtsmacht of het toepasselijk recht in het internationale contractenrecht, belt u dan gerust onze advocaat contractenrecht op 020-3980150.

Wilt u meer weten over het internationale privaatrecht? Bezoek onze pagina internationaal recht. Klik dan hier.