Door onze advocaat ondernemingsrecht: Wanneer contracterende partijen in een later stadium een geschil krijgen over de inhoud van een overeenkomst kan een rechter daar uitsluitsel over geven. In het onderhavige geval gaat het om een geschil tussen de voetbalclub ADO Den Haag (verder: ADO) en de uitgeverij Sport Media Corporation (verder: SMC). SMC heeft een overeenkomst gesloten met ADO waarin zij hebben afgesproken dat SMC een vergoeding ontvangt wanneer ADO met de hulp van SMC een financiële bijdrage ontvangt. ADO is na het sluiten van deze overeenkomst overgenomen door een Chinese eigenaar en zijn bedrijf United Vansen.
ADO Den Haag ontvangt tweemaal een geldbedrag van United Vansen, in totaal een bedrag van drieënhalf miljoen euro. SMC stelt dat zij ADO in contact hebben gebracht met United Vansen en daarom recht hebben op een vergoeding op grond van de overeenkomst, om precies te zijn artikel 6 uit de overeenkomst. ADO stelt daar tegenover dat de overeenkomst niet op deze stortingen van United Vansen ziet. De Rechtbank Den Haag spreekt zich daar op twaalf oktober 2016 als volgt over uit:
“Nu partijen van mening verschillen over de betekenis van artikel 6, dient de rechtbank deze clausule zelfstandig uit te leggen. Bij die uitleg komt het aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan dit beding mochten en mogen toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten en mogen verwachten (het zogenoemde Haviltexcriterium). Daarbij zijn alle omstandigheden van het geval van belang en kan mede van belang zijn tot welke maatschappelijke kringen partijen behoren en welke rechtskennis van zodanige partijen kan worden verwacht. Voor de vraag hoe een overeenkomst moet worden uitgelegd, kan tevens van belang zijn hoe partijen zich na het sluiten van die overeenkomst hebben gedragen.”
De Rechtbank stelt ADO Den Haag aan de hand van het Haviltexcriterium in het gelijk. SMC zou op zoek gaan naar Chinese sponsors voor ADO. In dit geval ging het om financiële injecties van de nieuwe eigenaar van ADO en daar zag de overeenkomst tussen ADO en SMC niet op.
Het Haviltexcriterium is een van de hoekstenen van het contractenrecht. Het criterium stelt dat er niet meer alleen naar de taalkundige betekenis van de artikelen in een overeenkomst moet worden gekeken maar ook naar de bedoeling van partijen en hun gedragingen tijdens en na het sluiten van de overeenkomst. Onder bedoeling van partijen wordt verstaan de betekenis die partijen aan de tekst in de overeenkomst gaven en wat zij over en weer van elkaar mochten verwachten. Daarnaast dient u rekening te houden met de ervaring en professionaliteit van uw wederpartij. Of u een overeenkomst sluit met een leek of een deskundige zal de uitkomst van een geschil dus kunnen beïnvloeden. Mocht het tot een geschil komen dan is het verstandig om in een dergelijk geval gebruik te maken van de diensten van onze advocaat ondernemingsrecht. Hij kan u bijstaan en adviseren in de onderhandelingen met de wederpartij of wanneer een van de partijen voor een gang naar rechter heeft gekozen.
U kunt telefonisch contact opnemen met onze advocaat ondernemingsrecht op het telefoonnummer 020 – 74 00 521 of uw vraag stellen in dit formulier.